Alopecia Androgenetica vs Telogeen Effluvium: verschillen, diagnose en herkenning van haaruitval

Haaruitval is geen uniforme aandoening. Binnen de klinische dermatologie vertegenwoordigen alopecia androgenetica en telogeen effluvium twee verschillende vormen van niet-littekenvormende alopecie, elk met eigen biologische mechanismen, verloopspatronen en langetermijnimplicaties.

Een correcte classificatie is essentieel. Effectieve ondersteuning begint met het onderscheid tussen progressieve miniaturisatie van haarfollikels en een tijdelijke verstoring van de haargroeicyclus.

Dit overzicht volgt de medische classificatieprincipes zoals toegepast binnen de dermatologische praktijk en ondersteunt een gestructureerde interpretatie van verschillende haarverliespatronen.
Illustratie van alopecia androgenetica bij mannen en vrouwen met kenmerkend verdunningspatroon.

Wat is alopecia androgenetica?

Alopecia androgenetica (AGA) is een genetisch bepaalde, androgeenafhankelijke aandoening die wordt gekenmerkt door progressieve miniaturisatie van haarfollikels onder invloed van dihydrotestosteron (DHT).

Bij genetisch gevoelige personen verkort DHT de groeifase van het haar (anafase) en veroorzaakt het een geleidelijke verkleining van de haarfollikel. In de loop van de tijd veranderen dikke terminale haren in dunnere, kortere en minder gepigmenteerde haren.

Voor een uitgebreide klinische uitleg over verloop, onderliggende mechanismen en langetermijninterpretatie, zie ons volledige overzicht over alopecia androgenetica.

Door herhaaldelijke verkorting van de anagene fase neemt de diameter van de haarschacht af, wat uiteindelijk leidt tot zichtbaarder worden van de hoofdhuid in kenmerkende patroongebieden.

Typische klinische kenmerken van alopecia androgenetica zijn:

  • Geleidelijke, progressieve haarverdunning over meerdere jaren
  • Patroonspecifieke verdeling (frontale inhammen of vertexverdunning bij mannen; verbreding van de middenscheiding bij vrouwen)
  • Variatie in haarschachtdiameter als gevolg van folliculaire miniaturisatie
  • Afwezigheid van plotselinge, diffuse haaruitval

Voor een diepgaandere uitleg van het DHT-mechanisme, zie ons overzicht over DHT en haarverlies.

In tegenstelling tot dit langzaam verlopende, androgeengedreven proces volgt telogeen effluvium een fundamenteel ander biologisch mechanisme.

diffuse haaruitval zonder patroon met behouden haarlijn bij telogeen effluvium

Wat is telogeen effluvium?

Telogeen effluvium (TE) is een reactieve, niet-littekenvormende vorm van diffuse haaruitval. Het ontstaat wanneer een groot aantal haarfollikels voortijdig verschuift van de groeifase (anafase) naar de rustfase (telogene fase), waardoor enkele weken tot maanden later een toegenomen haaruitval optreedt.

In tegenstelling tot patroongebonden haarverlies gaat telogeen effluvium niet gepaard met folliculaire miniaturisatie. De structuur van de haarfollikel blijft intact, waardoor biologisch herstel mogelijk is zodra de normale regulatie van de haargroeicyclus zich herstelt.

Klinische kenmerken van telogeen effluvium:

  • Diffuse haarverdunning over de gehele hoofdhuid
  • Behoud van de frontale haarlijn
  • Plotselinge toename van dagelijkse haaruitval
  • Begin van haaruitval meestal 2–4 maanden na een uitlokkende factor
  • Uniforme haarschachtdikte (geen miniaturisatie)

Veelvoorkomende uitlokkende factoren zijn:

  • Acute lichamelijke ziekte of hoge koorts
  • Chirurgische ingrepen of medische procedures
  • Emotionele of psychologische stress
  • Snel gewichtsverlies of sterke dieetbeperking
  • Hormonale veranderingen na de bevalling
  • Wijzigingen in medicatie

De haaruitval neemt doorgaans toe 2–4 maanden na de uitlokkende gebeurtenis. In de meeste gevallen begint hergroei zodra de onderliggende trigger verdwijnt en de haargroeicyclus zich opnieuw stabiliseert.

Voor een uitgebreidere klinische bespreking van triggers, herstelverloop en diagnostische interpretatie, zie ons volledige overzicht over telogeen effluvium.

Alopecia androgenetica vs telogeen effluvium: klinische differentiatie

Deze tabel is bedoeld als klinisch-georiënteerde leidraad: hoe onderscheid je patroongebonden miniaturisatie (AGA) van reactieve diffuse shedding (TE) op basis van verloop, verdeling en bevindingen bij beoordeling (o.a. trichoscopie). Dit is educatieve informatie en vervangt geen medische diagnose.

Klinisch kenmerk Telogeen effluvium (TE) Alopecia androgenetica (AGA)
Primair proces (follikelniveau) Tijdelijke verschuiving van veel follikels naar telogene (rust)fase; follikelstructuur blijft intact Progressieve miniaturisatie van genetisch gevoelige follikels; groeifase verkort, haarschacht wordt fijner
Verdelingspatroon Diffuus, over de hele hoofdhuid (meer “overall” dichtheidsdaling) Patroongebonden (bijv. inhammen/kruin bij mannen; verbreding middenscheiding bij vrouwen)
Start & timing Vaak acuut/subacuut; toename shedding meestal 6–12 weken na een trigger Geleidelijk; zichtbaar over maanden tot jaren
Shedding (hoeveelheid uitval) Vaak duidelijk verhoogd (meer haren in douche/borstel) Variabel; vaak vooral geleidelijke verdunning met relatief beperkte “plotselinge” shedding
Hair pull test (trektest) Vaker positief (meerdere telogene haren komen los) Meestal negatief of licht positief; niet het primaire diagnostische signaal
Haarschacht-diameter (variatie) Meestal redelijk uniform; verlies zit in aantallen, niet in diameter-variatie Typisch: duidelijke diameter-variatie (anisotrichose) door miniaturisatie
Trichoscopie / dermatoscopie Geen uitgesproken miniaturisatie; meer “lege” follikelopeningen door gelijktijdige telogene uitval Kenmerkend: miniaturisatie, variatie in diameter, toename vellushaar; vaak >20% diameterdiversiteit in aangedane zones
Verloop zonder gerichte aanpak Meestal tijdelijk; stabiliseert wanneer trigger verdwijnt en cyclus herstelt Meestal progressief; stabilisatie vraagt vaak langetermijnstrategie en consistente ondersteuning
Hergroei-verwachting Vaak herstel mogelijk (maanden), omdat follikels behouden blijven Beperkt herstel bij gevorderde miniaturisatie; doel is vaak behoud/stabilisatie en optimalisatie van follikelconditie
Trigger / context Vaak herkenbare stressor: ziekte/koorts, operatie, bevalling, dieet/tekorten, medicatiewijziging, emotionele stress Genetische gevoeligheid voor hormonale signalen (incl. DHT); vaak familiegeschiedenis
Overlap (belangrijk in praktijk) TE kan bestaande AGA “ontmaskeren” door tijdelijke volumeverlies; bij aanhoudende triggers kan TE langer duren AGA kan tegelijk bestaan met TE; patroonverdunning blijft zichtbaar wanneer TE herstelt
Wanneer extra beoordeling zinvol is Shedding > 6 maanden, onduidelijke trigger, of duidelijke patroonverdunning die blijft Snelle progressie, atypisch patroon, hoofdhuidklachten (roodheid/jeuk/pijn/schilfering), of twijfel over diagnose

Herken je zowel diffuse shedding als patroongebonden verdunning? Overlap komt regelmatig voor. In dat geval is het verstandig om het patroon, het tijdsbeloop en trichoscopische kenmerken samen te beoordelen.

Wanneer alopecia androgenetica en telogeen effluvium overlappen

In de klinische praktijk komen telogeen effluvium en alopecia androgenetica vaak gelijktijdig voor, in plaats van als duidelijk afzonderlijke aandoeningen.

Een veelvoorkomend scenario is acute diffuse haaruitval na ziekte, chirurgie, hormonale veranderingen of psychologische stress. Wanneer de totale haardichtheid tijdelijk afneemt, kan onderliggende patroongebonden miniaturisatie zichtbaarder worden. In dergelijke gevallen veroorzaakt telogeen effluvium geen alopecia androgenetica, maar kan het wel een reeds bestaande genetische aanleg zichtbaar maken.

Omgekeerd kan alopecia androgenetica in een vroeg stadium ten onrechte worden geïnterpreteerd als stressgerelateerde haaruitval, wanneer geleidelijke haarverdunning samenvalt met ingrijpende levensgebeurtenissen.

Een correcte differentiatie berust daarom op evaluatie van het verloop in de tijd, en niet op een beoordeling op één enkel moment.

Bij zorgvuldige klinische evaluatie wordt doorgaans gekeken naar:

Belangrijke onderscheidende factoren bij overlappende gevallen:

  • Evolutie van het verdunningspatroon over maanden tot jaren
  • Aanwezigheid van variatie in haarschachtdiameter (anisotrichose)
  • Familiegeschiedenis van patroongebonden haarverlies
  • Duur en intensiteit van de haaruitval
  • Trichoscopische bevindingen in aangedane gebieden

Inzicht in deze overlap is essentieel om realistische verwachtingen te scheppen en vast te stellen of sprake is van een tijdelijke verstoring van de haargroeicyclus, progressieve miniaturisatie of een combinatie van beide processen.

Veelvoorkomende diagnostische valkuilen bij het onderscheiden van alopecia androgenetica en telogeen effluvium

Ondanks duidelijke biologische verschillen worden alopecia androgenetica en telogeen effluvium in de praktijk regelmatig verkeerd geïnterpreteerd, vooral in vroege stadia of tijdens periodes van fysiologische stress.

Verschillende diagnostische valkuilen komen frequent voor:

Aannemen dat diffuse haarverdunning altijd tijdelijk is

Diffuse afname van haardichtheid wordt vaak toegeschreven aan stressgerelateerde haaruitval. Vroege alopecia androgenetica bij vrouwen kan echter beginnen als subtiele diffuse verdunning zonder duidelijke inhammen of haarlijnrecessie. Zonder beoordeling van variatie in haarschachtdiameter en patroonontwikkeling over tijd kan progressieve miniaturisatie onopgemerkt blijven.

Seizoensgebonden haaruitval interpreteren als telogeen effluvium

Tijdelijke toename van haaruitval tijdens seizoenswisselingen komt regelmatig voor en is meestal zelflimiterend. Niet elke toename van haaruitval wijst op een werkelijk telogeen effluvium. Duur, intensiteit en aanwezigheid van een duidelijke trigger blijven essentieel voor interpretatie.

Haaruitval overschatten bij vroege alopecia androgenetica

Bij alopecia androgenetica ervaren patiënten vaak subjectief meer haaruitval, terwijl het dominante proces progressieve miniaturisatie is en geen acute verschuiving naar de telogene fase. Afname van haardichtheid kan optreden terwijl de dagelijkse haaruitval ogenschijnlijk normaal blijft.

Gecombineerde pathologie missen

Een veelvoorkomende klinische situatie is onderliggende alopecia androgenetica met daarbovenop telogeen effluvium. In dergelijke gevallen kan de haaruitval stabiliseren, terwijl patroongebonden verdunning blijft bestaan. Het niet herkennen van deze overlap kan leiden tot onrealistische verwachtingen over herstel.

Waarom correcte classificatie belangrijk is

Omdat beide aandoeningen verschillende biologische trajecten volgen, hangt effectieve langetermijnbenadering af van het onderscheid tussen:

  • tijdelijke verstoring van de haargroeicyclus
  • progressieve folliculaire miniaturisatie
  • of het gelijktijdig voorkomen van beide processen

Een juiste classificatie vormt de basis voor verantwoorde en realistische ondersteuning.

Van differentiatie naar gestructureerde besluitvorming

Een nauwkeurig onderscheid tussen alopecia androgenetica en telogeen effluvium is geen louter academische oefening. Het heeft directe invloed op de langetermijnstrategie.

Wanneer folliculaire miniaturisatie het dominante proces is, verschuift de focus naar het behoud van de haarfollikelfunctie en het vertragen van de progressieve afname van de haarschachtdiameter.

Wanneer diffuse haaruitval het gevolg is van een tijdelijke verstoring van de haargroeicyclus, ligt de prioriteit bij het stabiliseren van de cyclus en het ondersteunen van fysiologisch herstel.

In situaties waarin beide processen gelijktijdig aanwezig zijn, vereist planning erkenning van twee biologische trajecten tegelijk: regulatie van de haargroeicyclus combineren met monitoring van patroongebonden progressie.

Gestructureerde ondersteuning begint daarom met classificatie, niet met aannames.

Een systeem gebaseerd op klinische logica

De TRIX Basic-benadering volgt hetzelfde diagnostische uitgangspunt. In plaats van één universele oplossing worden verschillende formuleringen afgestemd op specifieke biologische profielen die tijdens de beoordeling worden vastgesteld.

Dit gestructureerde model weerspiegelt klinisch redeneren:

  • identificeren van het dominante mechanisme
  • evalueren van duur en progressie
  • kiezen van ondersteuning afgestemd op de folliculaire biologie
  • herbeoordelen in de tijd

Ondersteuning wordt gepositioneerd als aanvullend op medische evaluatie en langetermijnzorg, niet als vervanging van een diagnose.

Voor een gestructureerd medisch overzicht van verschillende vormen van haaruitval, zie ons volledige overzicht over soorten haarverlies.

Niet zeker welk haarverliespatroon op jou van toepassing is?

Omdat vormen van haaruitval elkaar kunnen overlappen, is een gestructureerde beoordeling vaak het meest betrouwbare vertrekpunt.

De TRIX Hair Check volgt dezelfde classificatielogica die ook binnen klinische evaluatie wordt toegepast en helpt het meest waarschijnlijke biologische profiel te identificeren voordat verdere stappen worden overwogen.

Gebaseerd op meer dan 20 jaar dermatologische expertise

Frequently asked questions about alopecia androgenetica and telogen effluvium

Inklapbare content

Wat is het belangrijkste verschil tussen alopecia androgenetica en telogeen effluvium?

Alopecia androgenetica is patroongebonden en wordt gedreven door geleidelijke miniaturisatie van haarfollikels. Telogeen effluvium is diffuse shedding door een tijdelijke verschuiving van veel follikels naar de telogene (rust)fase.

Kan telogeen effluvium alopecia androgenetica veroorzaken?

Nee. Telogeen effluvium veroorzaakt geen alopecia androgenetica, maar kan onderliggende patroonverdunning zichtbaarder maken doordat de totale haardichtheid tijdelijk afneemt.

Hoe lang na een trigger begint telogeen effluvium meestal?

Telogeen effluvium wordt vaak merkbaar ongeveer 2–4 maanden na een trigger zoals ziekte, operatie, forse stress of hormonale verandering.

Gaat alopecia androgenetica meestal samen met plotseling veel haaruitval?

Meestal niet. AGA verloopt doorgaans geleidelijk. Er kan shedding optreden, maar het kenmerk is progressieve verdunning en variatie in haarschachtdikte over tijd.

Welke patronen zijn typisch voor alopecia androgenetica bij mannen en vrouwen?

Bij mannen begint het vaak bij inhammen en kruin. Bij vrouwen ziet men vaker verbreding van de middenscheiding met relatief behoud van de voorste haarlijn.

Wat betekent miniaturisatie?

Miniaturisatie is het proces waarbij een haarfollikel over meerdere groeicycli steeds dunnere en kortere haren produceert, waardoor zichtbare dichtheid afneemt.

Kunnen alopecia androgenetica en telogeen effluvium tegelijk voorkomen?

Ja. Diffuse shedding kan bovenop onderliggende miniaturisatie voorkomen. Het onderscheid helpt bij realistische verwachtingen en een passende langetermijnbenadering.

Wanneer is medische beoordeling verstandig?

Als haaruitval langer dan 6 maanden aanhoudt, verdunning toeneemt, er kale plekken ontstaan of er hoofdhuidklachten zijn (pijn, roodheid, schilfering, ontsteking), is beoordeling door een arts/dermatoloog verstandig.